Vergeten, maar niet verdwenen

Hélène Swarth (1859-1941) is een vergeten dichteres, een van de Tachtigers die onverbeterlijk maar standvastig oproeide tegen de nieuwe tijd.

Ze stierf in Velp en ligt begraven op begraafplaats Heiderust in Rheden. Swarth schreef aan de lopende band gedichten met een sterk impressionistische en naturalistische inslag. Heel vernieuwend voor die tijd.

Gedicht Heiderust

 

Aanvankelijk was ze een beroemdheid, maar na 1900 taande haar roem doordat ze de aansluiting miste met nieuwe literatuurstromingen, zoals de Avant-garde. Bij haar dood was ze bij kunstminnend Nederland al vrijwel vergeten. Toch wekt haar poëzie, die nooit verdween, nog altijd diepe gevoelens van weemoed en levensmoed.

 

Winterlaan.

Hoe lijkwit ligt de rechte winterlaan,

Waar zwarte bomen, in verstijfd gebaar

Van stroeve droefheid, strekken naar de klaar-

Kristallen hemel de arme’, als riepen ze aan

De oktoberzon, die ze op een gouden baar,

Bestrooid met rode en gele rozen, gaan

Ten groeve zagen! Kon die zon weerstaan

De klacht der bomen, zag zij ze even maar?

Doch marmerhard is ‘t hart der winterzon:

Haar scherpe schichten schittren louter kou,

Nuchter vernuft, geen warme liefdebron.

En de een’ge kleur in ‘t blank en zwart van rouw

Is, donkre bloedvlek op de horizon,

Droefrood, de mantel van een vissersvrouw.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.