Home

Alles verandert bliksemsnel

De wereld is in nauwelijks 20 jaar totaal veranderd. Internet is de nieuwe Werkelijkheid geworden. Ruim 100 jaar geleden brachten telegraaf, telefoon, stoomboot, en trein, later het vliegtuig ons vooruit. Het ging snel, maar nooit zo snel als nu.

Onze wereld is veranderd in een dorp. Financiën, handel en industrie zijn uitgegroeid tot een georganiseerde productieketen. In dit ‘werelddorp’ met 7 miljard inwoners draait het om globalisering: het openstellen van grenzen voor de gemakkelijke verplaatsing van goederen en diensten.

Die ontwikkeling gaat razendsnel. Alleen een crisis, recessie of oorlog kan er een eind aan maken. Maar zijn de puinhopen aan de kant geschoven dan draait alles gewoon weer door en wellicht nog sneller dan voorheen.

Op deze site wil ik de veranderingen in de wereld volgen. Niet zoals een krant of tijdschrift doet, maar door alleen datgene eruit te pikken wat ik belangrijk vind.

Nederland in WO 1 nu gratis te lezen. Het boek verscheen in 2014.

nederland in wo1

Nederland in wo1


Harry Mulisch: ‘Doodgaan is niks voor mij’

Er zijn schrijvers en GROTE SCHRIJVERS. De tien jaar geleden overleden Harry Mulisch was één van de allergrootste schrijvers. Zijn oeuvre staat op één lijn met dat van andere hele grote schrijvers, zoals Dostojevski en Hemingway. Zijn boeken bieden het beste wat kunst teweegbrengt: de verklaring van de wereld.

Graf van Harry Mulisch op begraafplaats Zorgvlied in Amsterdam.

Op 30 oktober 2010 vernam ik het nieuws van zijn heengaan op een parkeerplaats in Duitsland. Meteen moest ik denken aan een Koninginnedag in de jaren negentig in druk Amsterdam waar ik hem zag lopen op het Leidseplein. Gestoken in een spierwit pak vormde hij een dissonant met al die T-shirts en spijkerbroeken. Langzaam schreed hij door de massa die als door onzichtbare hand gedreven commentaarloos uiteen week. Aan zijn ogen zag ik dat hij genoot van de zwijgende adoratie.

Tien jaar na zijn dood verkopen nog altijd De aanslag en De ontdekking van de Hemel goed wat jammer is, want Mulisch schreef zo veel meer en elk boek is een juweel. Het zijn vooral de romans die Mulisch faam gaven. Zijn toneelstukken zijn ook niet slecht maar werden slechts enkele malen opgevoerd. In de jaren zeventig was hij gek op het spelen met woorden waaruit gedichten ontstonden. Mulisch torende ver uit boven die twee andere Nederlandse auteurs: Willem Frederik Hermans en Gerard Reve. Wie zijn boeken leest krijgt het gevoel dichter bij de wereld te staan. Op zijn begrafenis doorbrak een regenboog de grauwe lucht. Een teken van kleurig licht, alsof Mulisch de rouwenden hiermee duidelijk wilde maken: ‘Dat is gewoon niks voor mij, doodgaan.’

Winsum, de dood in de mist

Een lichte bobbel in de provinciale weg in het Groningse Ranum nabij Winsum. Voor- en achterkant van de auto veren kort op. Zojuist passeerde ik de plek waar ooit een onbeveiligde spoorwegovergang was. Op 16 oktober 1940 vond hier een rampzalig spoorwegongeluk plaats waarbij dertien personen het leven lieten.

De allang verdwenen spoorlijn was in 1922 een aftakking van het enkelspoor Groningen-Roodeschool en verbond Winsum met Zoutkamp. De vertakking stond bekend als de Marnelijn.

De graven van de omgekomen te werk gestelden door het treinongeluk bij Ranum.

Die onzalige ochtend hing er mist boven de uitgestrekte weilanden. In alle vroegte vertrok er een bus uit Groningen, vol met werklozen die te werk waren gesteld bij de inpoldering van De Slikken, helemaal boven Westernieland. Rond zeven uur botste de bus in Ranum op de trein en werd door de klap doormidden gesneden. De doden kregen een graf op de Zuiderbegraafplaats in Groningen. Een monument bij De Slikken herdenkt het ongeluk, het is zo’n beetje het laatste monument van het land.

Het was niet het enige spoorwegongeluk bij Winsum. Op 25 juli 1980 zorgde de mist voor een vreselijke aanrijding tussen twee treinen waarbij negen doden vielen. Ook op 2 april 2014 hing er mist. Bij Winsum reed een auto op een trein met dodelijk gevolg voor een 67-jarige automobilist uit Adorp.

Het monument op De Slikken bij Westernieland.

 

Wonen in Utrecht, een ernstig besmet gebied

Hoe is het om te wonen in een ernstig met corona besmette stad als Utrecht? Mondkapjes zie je overal in de cafés en restaurants. Het personeel draagt ze samen met plastic wegwerphandschoenen. Van het winkelend publiek, daarvan is er nu minder dan voorheen, houden de meesten de mondkapjes liever in hun zak. In het centrum waarschuwt een meldingsbord met verlichte letters: ‘Houd 1,5 meter afstand’, een bepaling die maar al te vaak wordt overschreden.

’s Avonds na tienen zijn de parken dicht. Theaters gesloten. Het coronavirus is een

Utrecht waarschuwt voor corona.

vampier die de stad leegzuigt. Dertig op de 10.000 mensen zijn besmet met het gevreesde virus. In Utrecht wonen bijna 360.000 mensen, tel uit je winst. Tien procent van de coronatesten is positief. Toch zijn er in de stad herhaaldelijk protesten tegen ‘die viruswaanzin’. Het kan niet waar zijn dat dit gebeurt. Het is een complot. We worden in de maling genomen, klinkt het. Vergeet het, dit is de keiharde realiteit. Toch storen deelnemers zich niet aan het houden van afstand, als mieren wriemelen ze door elkaar. Als de cafés om tien uur dichtgaan verschijnen er bij de Albert Heijn op het Neude, die tot 12 uur ’s nachts geopend is, vooral jonge cafébezoekers voor het kopen van bier om elders verder te feesten.

Door corona zijn de prijzen in de restaurants verhoogd. Voor een kop koffie normaal betaal je al snel 40 eurocent meer. ‘In verband met SARS-CoV-2’ rekent mijn tandarts een toeslag van 4,26 euro per patiënt Het dragen van een mondkapje tijdens de behandeling, iets wat in de praktijk al jaren een standaardprocedure is, is nu zijn belangrijkste beschermingsmiddel tegen het gevreesde virus.

In het OV zit een ieder braaf met een mondkapje op. Leuk is het niet, want van zo’n ding krijg je ‘t werkelijk benauwd. In de meeste winkels weigert het bezoek dan ook zo’n kapje te dragen. Maar sommige warenhuizen stellen een kapje verplicht. Neem de Bijenkorf, maar ook IKEA kom je niet in zonder kapje. De Utrechtse winkel van de in elkaar zet meubelen is door de week bijna uitgestorven. De neergang tekent zich het best af in het restaurant. Alleen voor koffie en een broodje kun je er terecht, maar wel met de strenge verwijzing om je bestelling buiten het cordon van rood-wit geblokte afzetlinten te nuttigen. Al met al is het een armzalige toestand en ik vrees dat het er de komende tijd niet beter op wordt. Corona is nu overal in Nederland en we kunnen er alleen van gevrijwaard blijven door afstand te bewaren en vooral geen langdurige contacten aan te gaan. Voor de zekerheid heb ik gisteren de Coronamelder gedownload. Ik hoop vurig dat hij zich nooit meldt.