Val kabinet Jetten nooit ver weg

 

Het vierde kabinet met D66, VVD en CDA is aan de macht. Ook in 2003 (Balkenende II), 2017 (Rutte III, samen met de CU), en 2021 (Rutte IV, met de CU) – stonden ze aan de top, maar sneuvelden vroegtijdig.

De focus ligt op woningbouw, stikstof en de krapte op het stroomnet. Ze kiezen voor een strenge begroting. Bezuinigen op zorg en uitkeringen, geen aantasting van het onderwijs en streng zijn voor migranten.

Het eigen risico in de zorg moet verder omhoog. ‘Door nu in te grijpen en keuzes te maken, blijven we goede zorg ook in de toekomst garanderen’, stelde dit gremium al in 2003 en daar is niets aan veranderd.

Ook pleiten ze in alle vier de formatie-akkoorden voor minder regels, maar sinds 2003 kwamen er méér regels.

Hogere lastendruk

Ook het ingrijpen in de uitkeringen staat sinds 2003 bovenaan hun prioriteitenlijst. Daar komt de voorgenomen verhoging van de AOW-leeftijd vanaf 2033 bij. Daarmee snijden ze flink in de sociale zekerheid. Nieuw is de verhoging van de defensie-uitgaven. Die last, vrijheidsbijdrage genoemd, komt voor twee derde op het bordje van de burgers terecht, die volgens CBS-cijfers al langer met een hogere lastendruk kampen dan ondernemers. De vennootschapsbelasting voor de laatst genoemde groep blijft onaangetast.

Centrumrechts

Dit centrumrechts kabinet gaat weinig presteren op woningbouwgebied en ook de stikstofreductie gaat niet significant naar beneden. De VVD heeft zijn stempel er stevig op gedrukt. Ondernemers staan voorop, concrete woningaantallen ontbreken, Onder het mom van meer veiligheid volgt een verscherping van het asielbeleid.

Misschien lukt het dit minderheidskabinet om tot een beter uitgebalanceerd beleid te komen via steun van de oppositie. Over hoe lang dit kabinet intact blijft valt niks te zeggen maar kijken we naar eerdere kabinetten van D66, CDA en VVD dan is een vroegtijdige val nooit ver weg.

 

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.